Luc Uijen: Het ijs op voor Irène en zijn zusje

Hij viel hard op zijn elleboog en bleef een tijdje versuft liggen op het ijs. ,,Ik had wel een kwartier nodig om weer bij te komen’’, vertelt Luc Uijen die gister 100 kilometer heeft geschaatst op de Weissensee. ,,Maar stoppen kwam niet in me op. Ik schaats om geld op te halen voor taaislijmziekte. De ziekte waar mijn zusje aan overleed en waar Irène nu mee kampt.’’

 

                      Credits foto: Martin Hols 

 

TECHENDORF - Het is middels al dertig jaar geleden dat zijn kleine zusje Irene op haar zestiende overleed. Door haar ziekte, taaislijmziekte, gingen de longen van de jonge Brabantse zo hard achteruit, dat ze vaak benauwd was en op een gegeven zelfs continu met een zuurstoffles rondliep om wat extra zuurstof binnen te krijgen. ,,Dat was heel moeilijk om te zien’’, vertelt Luc Uijen, die zeven jaar ouder was dan zijn zusje. ,,Ik was zelf ook nog jong, maar ik kon wel zien dat het steeds slechter ging met mijn zusje. In de laatste jaren had ze steeds meer extra zuurstof nodig en op een gegeven moment kon ze niet meer zonder. Dan liep ze met een zuurstoffles en een slangetje in haar neus rond.’’

 

Op zijn drieëntwintigste overleed zijn zestienjarige zusje. Uijen is nu 54 en het raakt hem nog steeds. ,,Het lijkt wel alsof ik steeds emotioneler word nu ik ouder word’’, zegt de optometrist. ,,Soms komt dat verdriet zo weer bovendrijven. Toen ik zelf kinderen kreeg, maar ook nu ik een klant van mij, die toevallig ook Irène heet, met dezelfde ziekte kampt. Ik weet wat ze doormaakt en daar word ik verdrietig van.’’

 

Zijn ogen zijn zacht en zijn gevuld met tranen. ,,Het is misschien raar maar op de begrafenis van mijn zus was ik helemaal niet zo verdrietig meer. We hadden het verdriet in de jaren daarvoor al verwerkt en waren ergens ook wel opgelucht dat haar lijdensweg over was. De jaren na haar dood ben ik daar helemaal niet meer zo mee bezig geweest en heb ik mijn leven gewoon weer opgepakt. Maar nu ik hoor wat Irène meemaakt en hoe zij de strijd aangaat met haar ziekte, ja dan raakt me dat wel.’’

 

,,Mijn zus wilde niet als patiënt gezien worden. Ik wilde mijn zus graag helpen, maar daar was ze lang niet altijd blij mee. Toen haar conditie echter slechter werd, heb ik haar regelmatig even opgetild of op de schouders genomen. Bij Irène zie ik dat ook. Ik schaats voor haar en de andere CF-patiënten. Omdat zij niet meer kan schaatsen, doe ik nu mee. Dan ga ik maar honderd kilometer schaatsen en geld ophalen voor taaislijmziekte. Inmiddels heb ik al meer dan negen duizend euro opgehaald.’’

 

De optometrist uit Waalre is helemaal niet zo’n ervaren schaatser: ,,In mijn jeugd heb ik ooit wel eens op een vennetje geschaatst op natuurijs. Maar ook niet meer dan dat. In oktober ben ik op mijn vierenvijftigste pas echt begonnen met schaatsen en dat was behoorlijk wennen. In het begin liep ik echt te krabbelen op mijn noren en toen heb ik later maar van die zachte schoenen met ijzers eronder gekocht. Daarmee schaats je een stuk gemakkelijker door de scheuren heen.’’

 

Een tocht van honderd kilometer op de Weissensee blijft afzien. Het Oostenrijkse meer ziet er prachtig uit met een dikke laag sneeuw op het ijs en de omringende bergen. Maar het wit beslagen ijs zit ook vol scheuren. ,,Het schaatsen ging me beter af dan ik verwacht had’’, zegt Uijen nadat hij zijn honderd kilometer voor de Alternatieve Elfstedentocht voltooid had. ,,Ik ben wel twee keer hard gevallen en dat kost een hoop energie. Tijdens het schaatsen moest je echt goed opletten om niet in een scheur te stappen. Ik ben blij dat ik die 100 kilometer gehaald heb, maar ik weet niet of ik het nog een keer doe. Dit is een bijzonder ervaring die je gewoon één keer wilt meemaken.’’

 

Credits: Eindhovens Dagblad

Auteur: Natasha Smit